Ex interiors

Koninklijke Visio

Meer informatie

Project Koninklijke Visio
Locatie Huizen
Opleverdatum 2006
Opdrachtgever Stichting Novum
Architect JDdV Architecten
Oppervlakte 9.290 m2

een transformatie

De Koninklijke Visio is een stichting die koploper is in de ontwikkeling van technieken om het leven van blinden en slechtzienden te vergemakkelijken. Het terrein ligt in een bosrijke omgeving en achter het imposante hoofdgebouw bevinden zich verschillende bijgebouwen.

Het bestaande gebouw bleek niet meer toereikend voor de groeiende organisatie en bovendien was er de wens om bijeenkomsten en studieprogramma’s in eigen huis te houden. Het hoofdgebouw huisvest kantoren, vergaderruimten en audio-studio’s. De bijgebouwen huisvesten onder meer een restaurant, auditorium en appartementen voor studenten en gastdocenten. 

Voor het hoofdgebouw is onder het maaiveld een parkeergarage gecreëerd met daarop een uitnodigend voorplein met stadsparkachtige aanleg. Zo vormt de buitenruimte weer een eenheid met het gebouw en nodigt uit tot informeel gebruik.

De entreezone wordt gekenmerkt door transparantie en ruimtelijkheid, net als de rest van het interieur. De kleur geel voert de boventoon, dit is de kleur die slechtzienden als laatste lichtpunt kunnen waarnemen. Uiterst verrassend is een blik naar boven, waar een majestueuze druppel –met daarin een lounge- lijkt te zweven. Langs de druppel kijk je tot in de nok van het dak. Het glas-in-lood, in het trappenhuis tegen de achtergevel, herinnert weer aan vroeger. Dit in tegenstelling tot het centrale trappenhuis dat een liftpartij kreeg van staal en glas.

De meest opvallende ingreep aan het hoofdgebouw ligt aan de achterzijde, waarbij een nieuwe glazen gevel fungeert als stolp die laat zien dat hier een oud gebouw wordt geconserveerd. De oude gevel heeft zijn oorspronkelijke karakter behouden en drukt een belangrijk stempel op de beleving van het interieur.

De oude klaslokalen zijn getransformeerd tot werkplekken. Om de onderlinge communicatie te bevorderen zijn tussenwanden voorzien van glasopeningen. De resterende delen zijn omkleed met een speciaal ontwikkeld behang, ontworpen door Irma Boon, dat in nauwe samenwerking met Ex Interiors is ontstaan.

Het souterrain is nadrukkelijk bij het gebouw betrokken en heeft nu een heel andere functie als voorheen. Was dit niveau vroeger een technische, donkere installatieruimte, nu zijn er vergaderzalen. Door het gedeeltelijk uit te graven en door middel van vensters, hellingen en tuinen te verbinden met de buitenruimte, ontstaat gelaagdheid en betrokkenheid met de omgeving.

Om genoeg capaciteit te creëren voor het restaurant is bijgebouw 6 uitgebreid met een glazen uitbouw. De speciaal hiervoor ontworpen print van bladeren, die in samenwerking met Opera Grafic Design is ontwikkeld, houdt op een ‘natuurlijke’ wijze de zon en warmte buiten.

In de zoektocht naar het spanningveld tussen het “oude” en het “nieuwe” wordt je in de oorspronkelijke orgelzaal overvallen door een majestueus hangende zeppelin die door het dak lijkt te willen ontsnappen. Dit indrukwekkende volume is opgehangen aan stalen oren en laat zien dat heden en verleden geheel met elkaar kunnen worden verweven en tezamen voor een nieuwe ruimtelijke beleving kunnen zorgen. In dit volume is het auditorium gesitueerd. Ook hier overheerst de kleur geel.

De aanwezige glas in lood ramen en de keuze die gemaakt is voor het doorzetten van het kleurenpalet uit het hoofdgebouw geven de bijzondere ruimte die ontstaan is door het ophangen van het auditorium, een bijna sacrale sfeer. Dit wordt versterkt door de maatwerk tafels en de AVL chairs die het beeld van een reftertafel geven. Om tegenwicht te bieden aan het enorme volume van het hangende auditorium, is voor de uitvoering van de uitgifte van het restaurant gekozen voor een verstilt beeld.

In een ander bijgebouw, het gastenverblijf  is de gebruiker en/of gast van ‘s morgens vroeg tot ’s avonds laat welkom. Voor een meeting of een vakcongres. Voor een dutje of een bed. Voor een glas water of een fles champagne.

Alle (onder)delen moesten voldoen aan de hoge eisen, met de kwaliteit van een campus als ambitie, onder het motto: ‘een eigentijdse choreografie met een ouderwetse perfectie’. De verbindende factor, in zowel gebouw 1 als in gebouw 6 als in het gastenverblijf is letterlijk het landschap, het buiten, waar je je op elke plaats in dit gebouw van bewust bent. Hoe dat komt? Niet in de laatste plaats door een vernuftige indeling en daglichttoetreding boven aan de prioriteitenlijst. Maar ook zeker door de inrichting van het gebouw, zonder poespas, met zorgvuldig gekozen materialen, inrichtingselementen en kleuren en een heel belangrijk aspect: rust.

In het gehele project is gestreefd naar optimale verlichting die prettig is voor slechtzienden. Na uitvoerig onderzoek is gekozen voor een indirecte, egale basisverlichting waarbij zoveel mogelijk plafons zijn vrijgehouden van in- of opbouwarmaturen. De verlichting vindt grotendeels plaats via uplighters in de vorm van wand- en vloerarmaturen.

Op het eerste gezicht niets bijzonders maar alle armaturen zijn specifiek ontwikkeld in relatie tot de benodigde lichtopbrengst en de egale overgang van licht en donker, aspecten die belangrijk zijn voor slechtzienden.

De ingrijpende revitalisatie van de gebouwen, aan de hand van een zeer specifiek programma van eisen, heeft geleid tot een optimale ruimtelijkheid en functionaliteit van de gebouwen en de omringende buitenruimte. De ingrepen hebben geleid tot een aangename open sfeer in een historische omgeving. Het onmiskenbare nieuwe vormt een harmonisch geheel met het oorspronkelijke.

In dit project zijn de vaardigheden van architect en interieurarchitect geheel met elkaar verweven en valt een onderscheid van beide disciplines nagenoeg niet meer vast te stellen.

Deze samenwerking heeft tot grote tevredenheid van de opdrachtgever geleid tot een totale eenheid waar ruimtelijke fascinatie, licht, contrast, textuur, gaafheid en respect de boventoon voeren. Een gebalanceerd samenspel tussen oud en nieuw, een eigentijds gezicht met respect voor het verleden.  

 

Fotografie: Oliver Schuh

Revitalisatie en uitbreiding van het Koninklijke Visio 

Het vroegere internaat voor blinden en slechtzienden uit de jaren ’20 biedt plaats aan het bestuursgebouw voor de Koninklijke Visio. In het plan van Ex Interiors dat uitgevoerd is in nauwe samenwerking met JDdV architecten voert respect voor het bestaande gebouw en de omgeving de boventoon.

button